Afvallen met een calorierijk ontbijt

De Israëlische onderzoekers verdeelden 93 vrouwen met overgewicht of obesitas (met een gemiddelde BMI van 32,4) willekeurig over twee groepen. Beide groepen volgden gedurende 12 weken een isocalorisch dieet van 1.400 kcal per dag, maar het zwaartepunt van de calorie-inname verschilde per groep. De ‘ontbijtgroep’ begon met een stevig ontbijt van 700 kcal, gevolgd door een lunch van 500 kcal en een bescheiden avondmaaltijd van 200 kcal. De ‘dinergroep’ kreeg een ontbijt van 200 kcal, een lunch van 500 kcal en een avondmaaltijd van 700 kcal. De samenstelling van de 700 kcal-maaltijden was in beide groepen hetzelfde.
Na 3 maanden bedroeg het gemiddelde gewichtsverlies in de ontbijtgroep 8,7 kg. De dames in de dinergroep waren echter niet verder gekomen dan gemiddeld 3,6 kg. Verder waren de bloedglucose- en insulinewaarden en de insulineresistentie significant meer afgenomen in de ontbijtgroep dan in de dinergroep. Bovendien daalde de gemiddelde triglyceridenwaarde van de stevige ontbijters met 33,6% terwijl deze juist met 14,6% toenam bij degenen die steeds een flinke avondmaaltijd hadden genuttigd.
In reactie op maaltijdprovocaties bleken de gemiddelde dagelijkse glucose-, insuline- en ghrelinewaarden alsmede het hongergevoel aanzienlijk lager en het verzadigingsgevoel significant groter in de ontbijtgroep.

Volgens de onderzoekers mag uit deze studie worden geconcludeerd dat een stevig ontbijt in combinatie met een bescheiden avondmaaltijd zinvol kan zijn bij de behandeling van obesitas en het metabool syndroom. Het vermijden van flinke maaltijden in de avonduren kan met name de glucosewaarden en het vetprofiel verbeteren en zodoende het risico op type II-diabetes en hart- en vaatziekten verkleinen. Wel moet nog worden bekeken of de potentiële gezondheidsvoordelen van flink ontbijten ook voor de lange termijn gelden.

Jakubowicz D et al: High caloric intake at breakfast vs. dinner differentially influences weight loss of overweight and obese women; Obesity (Silver Spring), 20 maart 2013. doi10.1002/oby.20460 [Epub ahead of print]. PMID 23512957.

(8-8-13)