Vitamine D deficiëntie bij artritis voorspelt verminderde respons op de behandeling en verhoogt de ziekteactiviteit

Artritis is een chronische inflammatoire ziekte gekarakteriseerd  door pijnlijke gewrichten die leiden tot progressieve achteruitgang van de functie. De oorzaak van artritis is nog niet duidelijk. Mogelijk kunnen omgevingsfactoren bij mensen met een genetische aanleg een auto-immuunreactie uitlokken die resulteert in deze chronische ontsteking.

De relatie tussen vitamine D en andere auto-immuunziekten wordt op grote schaal bestudeerd vanwege de rol van vitamine D in het moduleren van het immuunsysteem.

Bij muizen blijkt vitamine D in staat het ontstaan en de progressie van artritis te kunnen voorkomen. Uit studies blijkt dat mensen met artritis vaker een vitamine D deficiëntie hebben dan mensen zonder artritis. Een recente meta-analyse heeft ook laten zien dat een lage vitamine D inname geassocieerd is met een hoger risico op artritis. Bovendien is een lage vitamine D status geassocieerd met de ziekteactiviteit. Dit zegt overigens nog niets over een causaal verband. Hiervoor is meer onderzoek nodig.

Opvallend genoeg is er nog niet eerder een studie opgezet die vitamine D op het moment van diagnose heeft gemeten en relatie hiermee op de ontwikkeling van de ernst van de ziekte, terugvallen en respons op de behandeling. Italiaanse onderzoekers hebben dit nu gedaan.

37 mensen die net gediagnosticeerd waren met reumatoïde artritis werden gedurende 12 maanden gevolgd. Door middel van inflammatoire markers werd de ziekteactiviteit gemeten en vervolgens, evenals het aantal remissies en de respons op de antireumatica, afgezet tegen de vitamine D levels. Een vitamine D deficiëntie werd gedefinieerd wanneer deze lager was dan 20 ng/ml was.

De onderzoekers vonden een gemiddelde vitamine D spiegel van 24,4 ng/ml en 35% van de onderzoeksgroep bleek een vitamine D deficiëntie te hebben. Alle patiënten ondervonden vermindering van ziekteactiviteit, echter de patiënten met een vitamine D deficiëntie aan het begin van de studie hadden een significant hogere ziekteactiviteit na 12 maanden.  Ruim 90% van de patiënten reageerden goed op de antireumatica. Het aantal responders was wel lager bij mensen met een vitamine D deficiëntie.

48% van de patiënten ervaarde na 12 maanden een remissie van klachten. Het percentage patiënten in een remissie was lager in de groep met een vitamine D deficiëntie.

Deze studie laat zien dat een vitamine D deficiëntie in de eerste fase van artritis voorspellend is voor een verminderde respons op de medicamenteuze behandeling en een hogere ziekteactiviteit na 12 maanden.

Volgens de onderzoekers laten deze resultaten zien dat vitamine D een rol speelt in de immuun modulatie bij artritis en suggereert het een mogelijke prognostische rol van de vitamine D status in de diagnose van artritis. Het meten van de vitamine D status, en waar nodig suppleren van vitamine D, kan gezien worden als optie in de behandeling van artritis.

Gerandomiseerde onderzoeken waarin gekeken wordt naar het effect van vitamine D suppletie in de vroege fase van artritis zijn nodig om verdere implementatie van vitamine D suppletie bij mensen met artritis te onderstrepen.

Referentie: Di Franco, M. et al. Hypovitaminosis D in recent onset rheumatoid arthritis is predictive of reduced response to treatment and increased disease activity: a 12 month follow-up study. BMC Musculoskeletal Disorders, 2015.